Leren van actievoerders

Ik heb altijd een zwak gehad voor actievoerders. Toen me in een interview een keer gevraagd werd met welke vakgenoot ik een maand van plek zou willen ruilen, noemde ik het hoofd communicatie van Friends of the Earth International.

Dat heb ik geweten. “Sleeping with the enemy,” siste mijn mailbox. Bij collega’s van bedrijven die bij herhaling van ze onder vuur liggen, zijn zulke organisaties niet echt populair.

Actievoerders heb je in soorten en maten. Je hebt mensen die vreedzaam voor een maatschappelijk issue opkomen en anderen die graag de duivel provoceren. Die van de laatste categorie zetten ouderen en kinderen vooraan met hun vingers door het gaas bij antimilitaristische protesten. Zelf roepen ze persoonlijke verwensingen naar soldaten die aan de andere kant van het hek het legerkamp bewaken. Als een van die soldaten uit frustratie zijn wapenstok over onschuldige knokkels haalt, hebben ze meteen een camera gereed om hun gelijk te halen. “Zie je wel, het zijn fascisten!”

Tijdens mijn dienstplicht bij de luchtmacht trainde ik officieren in het belang van zelfbeheersing bij dit soort situaties. Op de vliegbasis was ook een opleidingseenheid gevestigd van de ‘sectie stiekem’, de militaire inlichtingendienst. Hiervan kreeg ik op gezette tijden als instructiemateriaal een doosje met obscure tijdschriften waarin radicalinski’s zulke uitlokkingstechnieken met elkaar deelden.

Voor dit type actievoerders heb ik helemaal geen zwak. Hoed je voor mensen die uit naam van de goede zaak bereid zijn een loopje te nemen met de democratische rechtsorde. Je hebt ze nog altijd, van gewelddadige dierenrechtenactivisten tot de amokmakers bij internationale topbijeenkomsten.

Nee, wie ik bedoel zijn de mannen en vrouwen die jou als bank (in dit geval) brieven schrijven om te vragen of je alsjeblieft wilt ophouden een mijnbouwbedrijf te financieren dat in een ver, tropisch land het milieu schade toebrengt en complete dorpen gedwongen verhuist als dat voor de exploratie zo uitkomt. Zeggen de actievoerders.

Het begint rustig. Ze geven beleefd aan dat ze graag in gesprek willen met de verantwoordelijke leidinggevende. Binnen je organisatie krijg je daar de handen niet voor op elkaar. “Als we daaraan zouden beginnen, dan is het einde zoek. Het waait wel weer over. En anders kan in het uiterste geval iemand van de PR ze toch wel tot rede brengen?”

Op een goede dag melden verschillende bankfilialen dat er actievoerders met grote rinkelende wekkers zijn binnengekomen die aan klanten folders uitdelen: weten jullie wel welk onrecht er van jullie spaarcenten wordt gefinancierd? Vlak daarna belt een Amerikaanse dochter het hoofdkantoor in lichte paniek: bij het door ons gesponsorde concert moest je gisteravond door een haag van demonstranten heen die bloederige foto’s omhoog hielden met ons logo erop. Wat gebeurt hier eigenlijk? Het issue zelf verdrinkt nog steeds in de roep van de organisatie om symptoombestrijding op de korte termijn.

Wat ik van zulke vredelievende actievoerders knap vind, is hoe ze kennis als wapen gebruiken. Hun foldermateriaal is vaak gebaseerd op gedegen research. Waar ze de informatie vandaan halen is een raadsel, maar ze noemen feiten en omstandigheden die het verhaal weerspreken dat je eigen organisatie je over de situatie heeft gegeven. Ik heb meegemaakt dat door die folders de Raad van Bestuur bij kritische bevraging van de commerciële mensen in de lijn een scherpere blik op de werkelijkheid ontwikkelde dan op basis van de interne rapportages mogelijk was geweest. Dat kan het zetje geven waardoor een gesprek met de andere partij ineens wel op gang komt.

Dit is een van die voorbeelden die laten zien waarom je in de communicatie altijd ruimte moet inbouwen om de werkelijkheid van je organisatie vanuit een ander perspectief te bezien. Oefen je in ‘transsystemisch’ denken; je zult daar in je beroepspraktijk gegarandeerd baat bij hebben.

De ambiguïteit die zich bij een confrontatie met de actiebeweging onthult, kan ook op gespannen voet staan met de ‘brand story’. Mensen die al te zeer in brand stories geloven zijn zelden professioneel geëquipeerd om naar behoren met zulke uitdagingen om te gaan.

Actievoerders houden bedrijven scherp. Vanuit jouw organisatieblik kan hun voorstelling van zaken in eerste instantie idealistisch, zelfs utopisch lijken. Maar vaak vragen ze aandacht voor een gezichtspunt dat in de systemen en processen van de organisatie onvoldoende tot uitdrukking komt. Dit asymmetrische geeft hun visie en handelwijze juist kracht. Als er eenmaal een open dialoog plaatsvindt, dan blijkt niet zelden een vergelijk mogelijk waardoor je als organisatie leert van de kritiek en sterker uit de strijd naar voren komt.

Reageren

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s