Aan de deur wordt niet gekocht

In onze gemeente wordt er veel gecollecteerd. Voor de Maag Lever Darm Stichting, de Zonnebloem, de blindegeleidehonden, het plaatselijke hospice en wat al niet meer. Als ’s avonds de bel gaat, kijk je vaak in de ogen van een vriendelijke mijnheer of mevrouw die je een bus met een geldgleuf voorhoudt.

Vaak maak ik een praatje met ze over het goede doel waarvoor ze op pad gaan. “Heel goed dat u zich hiervoor inzet,” zeg ik dan aan het einde.

Hoe anders verloopt het gesprek met mensen die met een klembord met voorbedrukte formuliertjes aan de deur verschijnen. Of je maar een machtiging wilt tekenen voor een afschrijving van je bankrekening, het liefst niet eenmalig maar periodiek.

Daaraan werk ik uit principe niet mee. Aan dit soort quasi-commerciële praktijken zie je hoe de goede doelen marketing aan zijn doel voorbijschiet. Mensen binden, een relatie opbouwen, dat is kennelijk in de mode in de strijd om de geef-euro.

Ik stel me voor hoe marketeers bewapend met net promoter scores en andere best practices uit het bedrijfsleven in gelikte presentaties bij hun besturen de nieuwe collectestrategie aan de man brengen. Uit bedrijfsmatig opzicht is er misschien nog wel iets voor te zeggen, maar wel ten koste van de interactie met de gevers.

Waarom meldt zich niet een vrijwilliger met én collectebus (of mobiel pinapparaat) én formuliertjes voor wie daar belangstelling voor heeft? Probeer hier maar met de collectant over in discussie te gaan. “Dat is beleid, mijnheer.” Beleid? “Nou, geef het gironummer van je organisatie maar dan maak ik zelf wel geld over,” zei ik een keer. “Nee, mijnheer, dat mogen we niet. U moet tekenen. Dat is het beleid.”

Het is jammer voor Artsen zonder Grenzen en Novib Oxfam, want zo vangen ze bij mij bot. Alle spontaniteit van de vrijgevigheid aan de deur slaat stuk op dichtgetimmerde spraakprotocollen waarin zich overduidelijk de hand van een marketingstrateeg aftekent. Aan de deur wordt niet gekocht. Veel te veel kleine lettertjes op de voorgedrukte formuliertjes.

De goede doelen marketing moet oppassen niet de goodwill van de gevers op het spel te zetten. Een tijdje geleden werd ik gebeld door een mevrouw van Unicef. Waarom had ik eigenlijk mijn lidmaatschap opgezegd?

Mijn lidmaatschap? “Maar mevrouw,” Unicef is bij mijn beste weten geen vereniging maar een stichting. Daar kun je helemaal geen lid van zijn.” Ze gaf geen krimp. “We hebben uw steun hard nodig. Voor de subsidie die we van de overheid krijgen is van belang hoeveel particulieren financieel bijdragen. Dus heb ik een voorstel: wordt u alstublieft donateur van ons.”

Met deze leugenachtigheid maakt Unicef het wel heel erg bont. Want de zogenaamde ‘leden’ zijn allang donateur. Er zijn vast een hoop mensen die het verschil niet kennen. Daar speelt Unicef handig op in aan de hand van het ‘beleid’ dat de afdeling marketing daarvoor heeft uitgestippeld.

Nee, geef mij maar de ouderwetse collectanten met hun bus. Die geef ik wel wat extra. Over de motieven van die andere organisaties denk ik ondertussen het mijne. Jammer dat hun goede doelen door al te gretige marketing in de waagschaal worden gesteld

Reageren

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s