Behandelindicaties sarcoïdose vastgelegd door longartsen

De Nederlandse Vereniging van Longartsen (NVALT) heeft de indicaties voor behandeling van sarcoïdosepatiënten met biologische medicijnen vastgelegd in een ‘position paper’

Het document bevat een aantal nieuwe details. Er staat nu zwart op wit dat dunne vezel neuropathie wordt gerekend tot neurosarcoïdose en autonome dysfunctie van het hart tot cardiale sarcoïdose. In het stuk staan ook veel interessante getallen over sarcoïdose in Nederland. De desbetreffende paragraaf neem ik hieronder in zijn geheel over:

“Exacte cijfers over het voorkomen van sarcoïdose in Nederland zijn niet voorhanden. Naar schatting ontwikkelen 20 mensen per 100.000 inwoners per jaar sarcoïdose. De prevalentie wordt geschat op ongeveer 50 per 100.000. Dat betekent dat er in Nederland op dit moment ongeveer 7000 tot 8000 sarcoïdosepatiënten zijn. Van deze patiënten zal naar schatting de helft gedurende het ziekteproces op een gegeven moment in aanmerking komen voor medicamenteuze behandeling. Van deze groep zal ongeveer de helft (25% van de gehele groep) voor behandeling met conventionele immunomodulerende middelen in aanmerking komen. Van deze 25% zal uiteindelijk minder dan de helft voor anti-TNF-α middelen in aanmerking komen (geschat maximaal 10-12.5% van de patiëntenpopulatie). De reden hiervoor kan zijn dat ze niet op de conventionele immunomodulerende therapie reageren, dat ze contra-indicaties hebben voor de conventionele middelen of onacceptabele bijwerkingen ontwikkelen.

“De indicatie voor medicamenteuze behandeling van sarcoïdosepatiënten varieert enorm. Bovendien is het moeilijk om van één ziektebeeld te spreken. Bij patiënten, die uiteindelijk voor therapie met biologicals in aanmerking komen, is meestal sprake van zeldzame presentaties van de aandoening (uveitis: 0.2 per 150.000 inwoners, neurosarcoïdose: 0.1 per 150.000, autonome dysfunctie: 0.3 per 150.000, longproblemen 0.3 per 150.000, overige indicaties: 0.1 per 150.000). Dit is mede de reden dat een goed gerandomiseerde studie met een welomschreven fenotype vrijwel onmogelijk is gezien de zeldzaamheid. Het voorstel is dan ook om de verschillende presentaties van sarcoïdose (fenotypen) als één aparte aandoening te beschouwen bij de beoordeling of het een algemeen aanvaarde medische indicatie is voor behandeling met anti-TFN-α middelen.”

Bron: Position paper: Behandeling van sarcoïdose met TNF-α blokkerende middelen, NVALT, juni 2012. Klik hier om het document in te zien op de website van de ILD Care Foundation of hier op deze site.

Reageren

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s