Reine Land – geschiedenis

Het Reine Land-boeddhisme is een volksgelooftraditie met wortels die teruggaan tot in de begintijd van van Mahayana. Volgelingen reciteren van oudsher de ‘nembutsu’, een mantra waarmee zij aangeven toevlucht te zoeken bij Amida Boeddha, een van de vele andere boeddha’s die de rijke voorstellingswereld van het boeddhisme kent dan de Siddharta Gautama die bij ons vaak doorgaat voor ‘de’ Boeddha.

De nembutsu is een krachtige aandachtsoefening die ervoor kan zorgen dat zich bij gebruikers een aanhoudende meditatieve concentratie ontstaat op de ervaring van Boeddha’s nabijheid, na verloop van tijd ook zonder dat de woorden ervan worden uitgesproken.

Verwijzingen naar het Reine Land komen in India al voor bij belangrijke boeddhistische denkers als Nagarjuna (derde eeuw) en Vasubandhu (vierde eeuw) en in teksten van latere datum die aan hen werden toegeschreven.

Het Reine Land wordt vanaf de eerste eeuwen van onze jaartelling genoemd in verschillende mahayanasutra’s. In de boeddhistische kosmologie van de zes werelden werd het Reine Land beleefd als een gezuiverd boeddhaveld rond Amida, dat zich als een hemelrijk tussen andere dergelijke boeddhavelden bevond.

Er bestond een geloof dat mensen die zich niet kwalificeerden voor het leven als monnik, door hun toewijding aan Amida na hun dood naar het Reine Land zouden gaan. Daar zouden ze zich onder leiding van Amida alsnog kunnen ontwikkelen als bodhisattva, in voorbereiding op een terugkeer naar de wereld van de mensen in een volgende wedergeboorte.

Sacramentele heilswaarde
Het reciteren van de naam van Amida Boeddha werd in de zesde eeuw aangeraden als meditatie-oefening door de Chinese leraar Chih-i, de stichter van de Tientai-school die een belangrijke plaats toekende aan de Lotus sutra.

Meditatie-oefeningen op Amida Boeddha en het Reine Land, vooral door middel van visualisatietechnieken, worden ook uitgewerkt in de Contemplatie sutra, een van de drie zogeheten Reine Land sutra’s.

De Chinese boeddhist Shan-tao (613-681) geldt als de eerste die systeem brengt in de onderbouwing van de Reine Land-stroming. Hij ontwikkelt het idee dat de nembutsu niet zo maar een vorm van devotie is, maar dat deze praktijk op zichzelf volstaat voor bevrijding. Zo werd aan de nembutsu een sarcramentele heilswaarde in dit leven toegekend.

Het Reine Land boeddhisme was aanvankelijk geen school, maar een vorm van devotie en een stroming die bestaande scholen ging beïnvloeden.

Zo vind je in de geschiedenis van het zenboeddhisme voorbeelden van de nembutsu als meditatie-oefening; ook andere vormen van vermenging met het denken van het Reine Land keren regelmatig terug in de schriftelijke nalatenschap van leraren.

Shinran
In Japan werkten Honen (1133-1212) en zijn leerling Shinran (1173-1263) de traditie van het Reine Land voor het eerst verder uit in verschillende scholen. Vooral Shinran drukte met een radicale visie op mens en bevrijding een stempel op het Japanse Reine Land-boeddhisme. Hij wordt door tegenwoordige shinboeddhisten aangemerkt als de stichter van hun school. In feite was hij, evenals zijn tijdgenoot Dogen ten opzichte van Soto Zen, een inspirator, terwijl de school eerst in latere eeuwen vorm kreeg onder de leiding van verre opvolgers.

“Hoewel ik toevlucht neem tot de weg van het Reine Land, is het zwaar om een ware, oprechte geest te hebben,” schreef Sinran. “Dit zelf is vals en onzeker; het ontbreekt mij volledig aan een zuivere geest.”

En ook: “Wijs, goed en toegewijd toont ieder van ons zich naar buiten toe. Maar zo groot zijn onze hebzucht, woede, verdorvenheid en bedrog dat we in alle opzichten vol zijn van kwaadaardigheid en sluwheid.”

Hier zien we dat de boeddhanatuur als vermogen tot ontwaken in dit leven niet wordt ontkend, maar dat de toegankelijkheid ervan voor gewone mensen wel sterk wordt gerelativeerd.

Shinran maakte onderscheid tussen wat hij noemde ‘zelfkracht’ (jiriki) en ‘anderkracht’ (tariki). Mensen verlangen naar bevrijding maar zijn, op een hoogstenkele uitzondering na, met hun blinde passies niet in staat zichzelf aan de haren uit het moeras te trekken, geloofde hij. Zijn volgelingen deden dan ook niet aan meditatie (een zelfkrachttechniek).

Alleen de weg van toevertrouwen aan het mededogen van Amida Boeddha, geeft volgens Shinran uitzicht op een vorm van bevrijding. Het inzicht dat zich ontwikkelt uit de combinatie van geloof en toevertrouwen, noemde Shinran ‘shinjin’, een toegangspoort tot een soort bevrijdingservaring in dit leven.

De algemene boeddhistische opvatting dat niets van zichzelf bestaat, werkt Shinran uit in zijn voorstelling van de anderkracht. Zelfkracht is het in de regel vruchteloze pogen te werken aan de eigen bevrijding. De meeste mensen zijn hiertoe door hun positie in het leven om te beginnen al niet in de gelegenheid. De erkenning dat alles aan ons van het andere is, maakt ons ontvankelijk om ons toe te vertrouwen aan de som van al dat andere, de anderkracht, die in wezen niet anders is dan het mededogen van Amida Boeddha als de Ander.

Isolement
Zelfkracht staat alleen oppervlakkig gezien tegenover anderkracht. In werkelijkheid leven wij volgens Shinran geheel en al in de anderkracht en is zelfkracht het isolement waarin wij onszelf plaatsen door vast te houden aan wat geen bestaan van zichzelf heeft. Geloof en overgave zijn voor Shinran dan ook essentiële voorwaarden om zich tot een staat van shinjin te ontwikkelen. Christelijke theologen in de twintigste eeuw zijn in Shinrans werk paralellen gaan zien met de geloofs- en genadeleer van kerkhervormer Maarten Luther.

Wie gelooft en zich toevertrouwt, ontdekt in het voetspoor van vele zenmeesters, dat het Reine Land niet (of niet alleen) ‘daar’ is, aan gene zijde van een ogenschijnlijke dood, maar ook hier, tastbaar en wel, in het huidige ogenblik.

Jodo Shinshu, de voornaamste school binnen het zogeheten shinboeddhisme, is in het hedendaagse Japan de grootste boeddhistische stroming. In vergelijking met Zen is in het Westen het aantal Reine Land gemeenschappen echter zeer beperkt. In een historische speling van het lot heeft Zen hier wel volop wortel weten te schieten en het Reine Land veel minder.

Gemengde praktijk
Er is echter meer Reine Land dan de adaptaties van Shinran en de latere Shinscholen.

In de zeventiende eeuw vestigde zich een groep Chinese zenmonniken in Japan die de praktijken van Rinzai (de school van Linji) vermengden met de nembutsu. Uit deze beweging ontwikkelde zich de Japanse school van Obaku Zen, die zich in het land een plaats verwierf tussen de bestaande zenscholen van Soto en Rinzai.

Het Japanse boeddhisme kent sinds de middeleeuwen een focus op één enkele programmatisch bevrijdingsparadigma. Zen interpreteerde de Reine Land stroming in de termen van de eigen voorstellingswereld. Zo was Amida Boeddha de duiding die het gewone volk gaf aan het meer abstracte begrip boeddhanatuur, aldus de Japanse Rinzai-meester Bassui (veertiende eeuw). Toen Obaku zich aandiende, spraken de bestaande zenscholen spottend over ‘Nembutsu Zen’.

In China wordt het Reine Land boeddhisme nog steeds beoefend in een gemengde praktijk met andere tradities.

In het Westen heeft de eigentijdse Reine Land boeddhist David Brazier zijn (onafhankelijke) Amida Orde gesticht die trekken kent van Zen. De extreme religieuze interpretatie die Shinran aan de nembutsu toekende, vind je bij Brazier niet terug. Brazier stelt de ‘historische Boeddha’ wel voor als iemand die ten diepste een Reine Land boodschap had.

Een moderne interpretatie van het Reine Land boeddhisme, ontdaan van alle sektarisme en obscurantisme, is eveneens te vinden bij Thich Nhat Hanh. Zijn boeddha is een mindfulnessboeddha. Hij waardeert de nembutsu als vorm van aandachtsoefening die uitmondt in mindfulness en situeert het Reine Land in deze wereld, als gelukservaring voor wie voldoende lijden weet te transformeren. Zijn interpretatie van het Reine Land is interconfessioneel, boeddhistisch zowel als christelijk.

Door de westerse wereld heen zijn er de nodige lokale groepen die zonder affiliatie met enige Reine Land school proberen een gemengde praktijk met Zen en Reine Land totstand ts brengen.

In het literatuuroverzicht op de volgende pagina staan links naar literatuur over de geschiedenis van het Reine Land en naar eigentijdse initiatieven op het gebied van een gecombineerde beoefening van Zen en Reine Land.

Verder >

%d bloggers liken dit: