Jules Prast

www.julesprast.nl

Meer boeddhisme

Pali Canon 2 - canon in het NederlandsDe Pali Canon bestaat uit de leerredes van de historische Boeddha en is beschikbaar in een meerdelige Nederlandse vertaling, bij elkaar een dikke halve meter aan boeken. In feite gaat het om de leerredes zoals die na enkele honderden jaren mondelinge overlevering en een boeddhistisch concilie zijn vastgelegd. De canon wordt beschouwd als de oudste bron van de woorden van de Boeddha. Voor wie op zoek is naar een handzame samenvatting is het boek Aldus sprak de Boeddha handig. Uit de vele duizenden pagina’s van de canon zetten de Nederlandse vertalers, Jan de Breet en Rob Janssen, hierin de voornaamste passages op een rijtje.

BoeddhismeBoeddhisme onder redactie van Kevin Trainor is een eendelige populair-wetenschappelijke encyclopedie. Rijk geïllustreerd documenteert het boek in beknopte vorm verleden en heden van het boeddhisme in al zijn verscheidenheid. Een tabel met tijdlijnen achterin maakt inzichtelijk wat wanneer in welk land gebeurde. Een handig naslagwerk. Ik kocht het ooit voor een tientje in de uitverkoop; nooit spijt van gehad.

Hsuan TsangThe Life of Hsuan-Tsang vertelt, grotendeels hagiografisch, het verhaal van de boeddhistische monnik Hsuang-Tsang die in de eerste helft van de zevende eeuw een avontuurlijke reis van India naar China en terug ondernam, op zoek naar geschriften die opheldering konden brengen over de vraag welke leer nu de juiste was. Na zijn terugkeer vertaalde hij teksten uit het Chinees, waaronder een versie van de Hartsutra en een geschrift in versvorm over de ‘theorie van de acht bewustzijnsvormen’ (zie hierboven onder Understanding our Mind van Thich Nhat Hanh). In een bijlage bij het boek Boeddha in lichaam en geest van Thich Nhat Hanh staat een bekorte Nederlandse vertaling van deze verzen van Hsung Tsang (3,6 MB). Voor een uitgebreide Engelse vertaling met toelichting kun je hier klikken (21,6 MB).

imageMahayana Buddhism door Paul Williams beschrijft uitvoerig de ontwikkeling van de doctrines die ten grondslag liggen aan het mahayanaboeddhisme. Dit is een van de boeddhistische hoofdstromingen die zich vanaf de eerste eeuw voor Christus als een zelfstandige beweging begon te manifesteren. Mahayana heeft voor zichzelf de term ‘Grote Voertuig’ bedacht om aan te geven dat iedereen welkom was, dit in tegenstelling tot het eerdere boeddhisme dat in de beeldvorming hoofdzakelijk aan kloosterlingen voorbehouden was. Zen is een latere school binnen de mahayanatraditie, zij het ook een reactie op bepaalde tendenties daarbinnen. Mahayana geeft een draai aan de leer van de Boeddha en grossiert soms helaas in jezuïtisch aandoende spitsvondigheden. Een probleem van de mahayanaliteratuur is bijvoorbeeld dat geschriften de Boeddha eeuwen na zijn dood graag sprekend opvoeren met teksten die de autoriteit van de daarin vervatte leerstellingen bevestigen. Sommigen geloven dat deze geschriften door mysterieuze inspiratie ook daadwerkelijk aan de Boeddha kunnen worden toegeschreven, enigszins vergelijkbaar met de wijze waarop de Mormonen menen dat hun heilige boek door goddelijke interventie is ingefluisterd. Ook in het boeddhisme zie je de werking van de menselijke natuur zich herhalen. Het boek van Williams gaat hier allemaal met kritische zin op in. Het is geen gemakkelijke kost, maar het maakt wel een paar dingen duidelijk. Om te beginnen heeft zo ongeveer iedere boeddhistische leerstelling aanleiding gegeven tot scherpe discussie over de houdbaarheid ervan, zeker wanneer men met spitsvondigheid probeerde tot de kwadratuur van de cirkel te komen. Verder kun je uit dit boek afleiden dat de kost die je in boeddhistische kringen van tegenwoordig wordt opgediend als de ‘geldige’ leer een potpourri is van concepten waarbij historisch of logisch gezien de nodige vraagtekens kunnen worden gezet. Dit laat onverlet dat deze concepten tot de verbeelding kunnen spreken en in de psychologische behoeften kunnen voorzien van mensen. Boeddhisme kent ook zijn eigen bezwerende ontsnappingclausules om zulke kritiek te pareren, maar Williams’ boek draagt hoe dan ook bij aan een zindelijke balans tussen geloof en verstand die immers beide een rol spelen in ons leven en op de boeddhaweg.

Sheng Yen - Orthodox Chinese BuddhismOrthodox Chinese Buddhism door Sheng Yen (zie de rubriek Zen – algemeen hiervóór onder The Method of No-Method en Footprints in the Snow) behelst een kleine catechismus van boeddhistische geloofsvragen. Je vindt hier antwoorden op vragen als: Geloven boeddhisten in hemel en hel? Kan een baby boeddhist worden? Is geboortebeperking in het boeddhisme toegestaan? Het is, in zekere zin, de toegepaste tegenhanger van Mahayana Buddhism door Paul Williams. Let op het woordje ‘orthodox’ in de titel. Sheng Yen pretendeert inderdaad de rechtzinnige leer te verkondigen. Het laat zien dat het boeddhisme een lange weg gegaan is sinds de tijd van de Boeddha. Ik zie hier met afgrijzen een uitgekristalliseerd geloofssysteem met zijn eigen dogma’s en vraag me af hoe dit zich verhoudt tot de van nature iconoclastische invalshoek van de zenbeoefening waarvan Sheng Yen ook een vertegenwoordiger is. De doctrinaire toon van het boek staat haaks op de meer open, vragende benadering van Thich Nhat Hanh in Het hart van Boeddha’s leer en andere van zijn boeken. Orthodox Chinese Buddhism is online beschikbaar; klik hier voor het bestand.

Goldstein, Joseph - One DharmaOne Dharma door Joseph Goldstein beargumenteert dat er een gemeenschappelijke kern is die eigen is aan alle tegenwoordige stromingen in de boeddhistische familie. En er zijn nogal wat loten aan de stam, van Thaise bosmonniken (Theravada) tot de magie van de Tibetaanse lama’s, van Japanse zen tot het westerse boeddhisme, en meer. De these van Goldstein is een verleidelijke, maar het is een beetje alsof je de Grieks-Orthodoxe Kerk op één lijn probeert te brengen met de Vrijgemaakt Gereformeerden, de Zevendedags Adventisten, de Christengemeenschap van Rudolf Steiner, de Mormonen en de Jehova’s Getuigen. Wat domineert: de overeenkomsten of de verschillen? En hoe weet je eigenlijk of er achter de ogenschijnlijke doctrinaire parallellen niet een wereld van ongelijksoortige ervaring schuilgaat gedreven door de onuitroeibare kracht tot psychologische en religieuze projectie die de menselijke natuur eigen is? Men leze The Varieties of Religious Experience door de Amerikaanse filosoof en godsdienstfenomenoloog William James (1842-1910). En de filosoof en psychiater Karl Jaspers (1883-1969) beschrijft de boeddhaweg treffend in zijn boek Socrates, Boeddha, Confucius Jezus: onderweg weet je nooit precies waar je bent, je kunt dit zelf ook niet weten, alleen retrospectief kun je enigszins je ontwikkeling naar meer inzicht en wijsheid beoordelen. In de stroom, ploeterend om niet kopje onder te gaan, uit de stroom, zittend op een (tijdelijke) oever: menige voorstelling komt voorbij en sommige beklijven; zie ook Mahayana Buddhism hierboven. Goldstein, die zelf staat in de theravadatraditie van de inzichtsmeditatie, zegt in zijn boek en elders veel behartigenswaardige dingen, maar bij mij blijft de vraag zich opdringen: wie zijn wij om alles onder één noemer te brengen?

Sayadaw, Mahasi - The progress of insightThe Progress of Insight door Mahasi Sayadaw, een Birmese therevadamonnik uit het midden van de twintigste eeuw, is van oorsprong bedoeld een gidsje voor collega-meditatieleraren. Later is het voor een algemeen publiek uitgegeven. Behalve in boekvorm is het ook online beschikbaar (klik hier). In al zijn beknoptheid is het zeker geen eenvoudige literatuur. Sayadaw gaat in op zowel aandachtsmeditatie als inzichtsmeditatie en schetst waaraan je vorderingen van leerlingen kunt aflezen. In het publiek ontwijken meditatieleraren vroeger en nu de vraag naar meetbare vorderingen meestal, reden waarom Sayadaw zijn boekje voor intern gebruik schreef. Het antwoord vergt een individuele beoordeling en de notie van een rechte weg langs vaste herkenningspunten kan leerlingen in hun ontwikkeling op een dwaalspoor brengen. Maar de vraag blijft invoelbaar, ook omdat de Pali Canon de Boeddha herhaaldelijk aan het woord laat over achtereenvolgens te doorlopen meditatiestadia (jhana’s). In zen wordt meer de nadruk gelegd op het rechtstreekse, plots doorbrekende inzicht. In Orthodox Chinese Buddhism (zie hierboven) legt Shen Yen uit hoe de jhana’s van eerdere boeddhistische tradities zich verhouden tot zen (zie de hoofdstukken ‘Are Meditative Absorption Necessarily Related to the Chan [Meditation] School?’ en ‘What Are the Sudden and Gradual Approaches to Enlightenment’ op blz. 122 e.v.) The Progress of Insight zie ik als complementair aan Secrets of Chinese Meditation en The Three Pillars of Zen (zie de rubriek Zen – algemeen hiervóór).

Meer over boeddhisme:
Hoe zit de Pali Canon in elkaar? Uitleg in het Engels – klik hier
‘De vele gezichten van compassie’, oratie prof. dr. André van der Braak, hoogleraar boeddhistische filosofie, Vrije Universiteit Amsterdam, 14 september 2012. Ik ken André als docent van het Kanzeon Zencentrum Amsterdam waar ik zelf mijn eerste schreden op de zenweg heb gezet. Meer over hem op zijn website.

Ga terug naar Stephen Batchelor | Ga verder naar Taoïsme

%d bloggers liken dit: